Leidsch Dagblad – August 6, 2016

De vicepresident als strategisch wapen

‘Wat doet de Amerikaanse vicepresident eigenlijk?’, vroeg mijn man laatst. Dat hangt geheel af van de dynamiek tussen president en vicepresident. Het enige dat grondwettelijk vastligt, is dat deze het stokje overneemt als de president gedurende zijn termijn overlijdt, zonder dat er nieuwe verkiezingen worden uitgeschreven. Dit komt met enige regelmaat voor. Er zijn bijvoorbeeld in het verleden twee vicepresidenten genaamd Johnson bevorderd tot het hoogste ambt door een moord op de zittende president. Andrew Johnson na de moord op Lincoln (1865) en Lyndon Johnson na die op Kennedy (1963).

Er is een enorme variatie in hoeveel invloed vicepresidenten uitoefenen. Dick Cheney (2000-2008) wordt vaak beschouwd als evil mastermind achter de buitenlandpolitiek van George Bush Jr. Vicepresident Harry Truman (1944-1945) werd juist buiten alle belangrijke zaken gehouden. Tot hij ineens president was, omdat Franklin Roosevelt overleed.

De keuze van een kandidaat-vicepresident geldt vooral als strategisch wapen in de verkiezingsstrijd. De bekendmaking van running mates is een cruciaal moment. Het maakt duidelijk op welke groepen kiezers de presidentskandidaat zich richt. Ineens zie je dat het Amerikaanse tweepartijensysteem in feite óók een coalitiesysteem is. De genomineerde presidentskandidaat zal meestal geen running mate uit de eigen vleugel in de partij kiezen, want dit is dé gelegenheid om andere facties aan zich te binden. Daarom kiezen veel kandidaten iemand met wie ze inhoudelijk niet zoveel op hebben.

De Republikeinse kandidaat-vicepresident Mike Pence bijvoorbeeld, is binnen die partij een kopstuk van de grote en invloedrijke groep die ‘sociaal conservatief’ wordt genoemd – niet zozeer sociaal, als wel conservatief op sociale thema’s, zoals abortus en LGBT-rechten. Donald Trump is minder expliciet christelijk dan zijn Democratische tegenstrever Hillary Clinton. Dat is voor veel traditioneel Republikeinse kiezers een mogelijke reden om op haar te stemmen. Daarom was de ultra-conservatieve en -religieuze Pence een logische keuze.

Voor Clinton lag de keuze ingewikkelder. Nu de presidentskandidaat bij de Republikeinen zo omstreden is, kan ze daar wellicht kiezers losweken. Het cv van de katholieke Tim Kaine, hij was onder meer missionaris in Honduras, leent zich daarvoor. De vraag is of daarmee de luidruchtige en door het succes van Bernie Sanders hongerig geworden linkervleugel in haar eigen partij, voldoende wordt bediend. Het is een inhoudelijke kwestie, gaat Clinton over links of over rechts, maar dom rekenwerk speelt sterk mee. Als de Democraten een paar swing states (zoals Florida en Kaines thuisstaat Virginia) winnen met een relatief rechtse koers, wordt Clinton president. In veel staten waar Sanders de voorverkiezingen won, winnen de Democraten sowieso wel.

Toch was ik persoonlijk gecharmeerd van het linkse alternatief, Elizabeth Warren. De oud-hoogleraar rechtsgeleerdheid en senator voor de staat Massachusetts doet het uitstekend bij de Sanders-fans en is een van de weinigen die Trump voortdurend ijzersterk én geestig van repliek dient. Maar ja, een vrouw. En volgens velen is dat ‘te veel van het goede’. Waar waren al die visionairs de afgelopen 59 verkiezingen, toen er aan beide zijden twee mannen op het ticket stonden? Maar dit terzijde. Enfin, jammer voor mij, maar strategisch gesproken hebben ze een punt. Opiniepeilers gaan ervan uit dat Clinton een paar procent aan stemmen kan verliezen, puur door seksisme. Dergelijke overwegingen wegen nu zwaarder dan wat de vicepresident uiteindelijk gaat doen.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *